zondag 24 juli 2011

Wandeling door het verleden deel III

Vandaag (vrijdag 22 juli) beginnen we de wandeling door het verleden vanaf de ingang bij Zandvoort.

De gelopen route. Rechtsonder op het routekaartje zie je een stukje van Zandvoort dat eigenlijk linksboven thuishoort. Op het stukje kaart zie je twee rode cirkels waar we straks bij de luchtfoto's nog op terugkomen. GPS Route Downloaden


We gaan net voor de brug welke over het Noordoosterkanaal ligt, rechtsaf. Aan het einde van deze weg langs het Nooroosterkanaal, ligt de betonweg langs het Westerkanaal. Deze betonweg is aangelegd door de Duitsers in WOII om het transport van zware bouwmachines, bouw materiaal en geschut mogelijk te maken.   


We staan hier bij het Kraaienveld en kijken in richting van het scheve duin bij Zandvoort.


In dit hele gebied werd sinds 1875 duinaardappelen geteeld, hiervoor was 760 hectare in gebruik. Rond 1930 waren de duinen bij Zandvoort nog kaal en bezaaid met tuintjes. Zelf in het gebied bij de Renbaan werden duinaardappels geteeld, de armen verrichte daar werk en kregen daar geld en aardappels voor.  In het midden van de onderstaande foto zie je de Leverberg, die naam heeft niets met lever te maken maar is een verbastering van leeuwerikberg. 




Hier kom ik nog even terug op het stukje routekaart met de cirkels. Op de bovenste luchtfoto uit de eerste helft van de vorige eeuw zijn deze duintuintjes nog goed te zien. Op de luchtfoto daaronder welke ik uit Google Earth heb gehaald en eronder heb geplakt, is te zien dat er sinds die tijd hele wijken over een deel van deze tuintjes zijn gebouwd. Maar als je heel goed kijkt, dan vind je de contouren van sommige tuintje nog terug op de nieuwe luchtfoto.

Op de oude luchtfoto zie je vanuit de gele cirkel een pad schuin naar beneden lopen, dat pad liep in die tijd rechtstreeks naar Het Paradijs. Het Paradijs ligt in wat nu het infiltratie (verboden) gebied is. Dat zou nu niet meer kunnen omdat het Noordoosterkanaal en de kanalen in het infiltratie gebied nu in de weg liggen. Helemaal rechtsonder op de nieuwe luchtfoto zie je nog een klein stukje van de weg langs het Noordoosterkanaal waarop we lopen. In de vergroting is het allemaal wat beter te zien.


Onderweg sluiten we onze ogen natuurlijk niet voor andere mooie dingen, zoals deze vlinder.


Op de betonweg slaan we het Brederodepad in en ik beklim de Tootjesberg.
Hier sta ik op de Tootjesberg welke langs het Westerkanaal ligt (zie routekaartje). Wat je hier ziet is het 'Het Paradijs' in het verboden (infiltratie) gebied.
De Tootjesberg is vernoemd naar Katootje van de Valk welke rond 1900 in 'Het Paradijs' woonde Dit hele gebied is totaal overhoop gehaald, er is zo goed als niets over van het oorspronkelijk landschap zoals deze er lag in de tijd voor de duinwaterwinning. Vroeger was het akkerland en stond er een boerderij.


Links zie je de Engelseberg en in het midden het kleine huisje aan de Duizendmeterweg. Links onderin zie je de oorspronkelijke Betonweg welke daar door de Duitsers is aangelegd. 




Helemaal links ligt de Steile-berg en verder kijken we uit over het Weide glop. Vroeger waren de duinen bij de zeereep geen aaneengesloten geheel. Dus bij hoog water kon het zeewater dit gebied binnendringen en liep de Wijde glop geul vol met zeewater. Op het routekaartje vind je ook de namen Tonnenvlak en Tonnengat.
Mogelijk bleven hier tonnen met drank of andere zaken (afkomstig van schipbreuk) achter nadat het zeewater hier binnen stroomde. In lager gelegen delen groeit veel duindoorn en dat duid op kalkrijke grond. Het instromende zeewater nam veel schelpen (kalk) mee het gebied in.

Schipbreuk kwam nogal vaak voor in dit deel van de kust. Dit gaat mogelijk ook op voor het Flessenvlak, maar het kan ook zijn dat jutters hier de gevonden flessen verborgen. Dit soort vondsten  zouden gemeld moeten worden bij de strandvonder (overheidsopzichter), maar wat verstopt is hoeft men natuurlijk niet te melden :-)
En geef ze eens ongelijk, dit waren geen rijke tijden voor de kustbewoners.


Dit is de Kees Vaareberg, vernoemd naar de man van Katootje van de Valk.


Als we door de duindoornstruiken lopen, schikken we deze klein vlinder/mot op. Als iemand de naam weet, dan horen wij dat graag.


Een Speerdistel op het Flessenveld.


Dit gebied vlakbij het flessenveld liep blijkbaar niet onder water, want je vind hier weinig duindoorn en heel veel mos. Dit soort mos groeit niet op kalkrijke grond.


De Aalscholvers vliegen de hele dag richting zee. Hier zagen we hoe vier Aalscholvers stil in de lucht bleven hangen zodat nummer vijf die een honderdtal meters achter lag, de kans kreeg om ze in te halen. Toen deze zich bij de groep voegde vlogen ze weer verder.


We zitten in de schuilhut bij de betonweg te eten als we ineens bezoek krijgen van deze kikker. Als we richting de schuilhut bij de vossen kijken, zien we dat de regen daar met bakken uit de lucht komt vallen.


We gaan even bij die schuilhut kijken of de vossen daar nog zijn. Ondanks de dreigende bewolking blijft het verder droog. In de verte zien de de Witte indiaan net weglopen bij de schuilhut, als wij daar aankomen is daar niemand meer te zien.
We kijken hier op de Duizendmeterweg welke vroeger helemaal recht was en precies duizend meter lang. Later heeft men de bochten aangebracht met als gevolg dat hij nu langer is. Eigenlijk dus de duizend-en-nog-wat-meterweg. :-)


We krijgen daar nog wel twee jonge vosjes te zien.


En nummer twee. Het valt op dat deze vosjes behoorlijk lange staarten hebben.


Bij de schuilhut treffen we een pad op het pad aan :-) Na een tijdje lopen we weer verder richting zandvoort.


We lopen eerst langs de machineberg welke aan de overkant in het verboden gebied ligt. De Machineberg is vernoemd naar de pompinstallatie welke hier vroeger in de buurt stonden. Vervolgens lopen we  langs de bergen van het Mirakel. Zo genoemd omdat hier tijdens de jacht altijd wel iets onverwachts gebeurde. Net voorbij de bergen van het Mirakel zien deze vos. Hij is helaas ook tam, maar het duurt even voordat hij dichterbij durft te komen.


Een stukje verder ter hoogte van de Prinsenberg welke aan de overkant in het verboden gebied ligt, zien we een wilde rekel. Deze rekel heeft geen zin in fotoshoots en maakt dat hij wegkomt.
De Prinsenberg heeft zijn naam te danken aan het feit dat Prins Bernard hier heeft deelgenomen aan een fazantenjacht. 


Ter hoogte van de Renbaan zien we nog een Rekel die er meteen vandoor gaat. Hij lijkt dichtbij, maar de vergroting was 250mm en dan nog wat croppen om hem zo dichtbij in beeld te brengen..


En ook ter hoogte van de Renbaan zien we ons eerste damhert van vandaag. Toch leuk om er tenminste nog één te zien :-) Langs het pad  bij de Renbaan lagen ook aardappelveldjes, maar die zijn grotendeels verdwenen onder de duindoorn struwelen.
Als je dit stukje AWD met Google Maps eens goed bekijkt, dan zie je hier en daar nog rechthoekige stukjes grond. Ook links van de Zandvoort ingang op het Kraaienveld, kun je in Google Maps de contouren van oude veldjes onder de kruising Zandvoortselaan en de Kennemerweg zien liggen.


Hier zijn we dan alweer vlakbij de brug over het Noordoosterkanaal en werpen een blik op het Kraaienbos. Deze naam is niet juist en het zou het eigenlijk het Kauwenbos moeten heten. Rond september verzamelen heel veel kauwen zich in dit kleine bos, het schijnt daar om die reden behoorlijk te stinken. Helaas mogen wij daar niet komen, dus is dat moeilijk te controleren.















En zo gaan we van duinaardappelen naar kauwen en vervolgens naar huis. :-)
We hebben geprobeerd om zoveel mogelijk van dit stuk AWD mee te nemen in het verhaal.
Helaas moet je soms van de hak op de tak springen omdat we het verboden infiltratiegebied niet in mogen en er toch iets over willen vertellen terwijl we in het gebied daar omheen lopen.

Als we alleen al alles zou moeten vertellen over dit stukje AWD, dan zou dit wel een heel lang blog worden. We moeten dus een beetje selectief zijn.
We stappen weer in de auto en rijden terug naar huis om thuis nog even na te genieten van de wandeling.

Iedereen weer bedankt voor de reacties op het vorige blog!

Groet,
Peter en Janny





vrijdag 22 juli 2011

Een paar dagen Epe deel II

Dinsdag 19 juli 2011 staan we heel vroeg op om te gaan wandelen in het Zwolse bos bij Wapenveld.  Rond 05:00 rijden we weg bij het hotel. Op de Dellenweg naast het hotel stoppen we weer want er staat een reebok op de weg. Ik schakel de koplampen even op volle sterkte, maar daar ligt de reebok niet wakker van en blijft op de weg lopen. Het is nog pikdonker en ik stap uit met de camera om een foto te maken. Helaas, ik kan niet dichtbij genoeg komen om iets aan de flitser te hebben.

Dan komt reebok nummer twee uit de bosjes lopen en samen gaan ze er vandoor. We rijden verder en zien dan nog een reebok aan de kant van de weg. Fotograferen lukt weer niet en we rijden verder, zo zien we een stuk of acht reebokken voordat we aan het einde van de Dellenweg komen. Op de Nieuwe-Zuidweg zien we nog een zwijn met vier jongen in het donker wandelen. We rijden door naar het bos bij Wapenveld 5 km verderop.

Wapenveld

Wapenveld is een dorp in de Nederlandse provincie Gelderland en valt onder de gemeente Heerde. Het dorp ligt tussen de rivier de IJssel en de bossen en heidevelden van de Veluwe.
Het woorddeel ‘Wapen’ in Wapenveld heeft in de oorspronkelijke betekenis betrekking op ‘water’. Het heeft dus niets te maken met wat wij tegenwoordig onder ‘wapen’ verstaan. Wapenveld ligt aan de rivier de IJssel. (rivier, water). Aantal inwoners: 3.720 in 2009.

Het eerst komt Wapenveld in de beschrijvingen voor als er een fraterhuis met kerk gebouwd wordt op een stuk grond, geschonken door Hendrick Bentinck (1360-1431), bij de Grift noordelijk van het huidige Kloosterbos aan de Ellenhoorn. Dit huis van Broeders van het Gemene Leven van de katholieke beweging der moderne devotie werd in Hulsbergen gesticht in 1407. De broeders predikten een geestelijk reveil tegen de verloedering van het leven van de clerus en de verruwing van de volkse zeden, ze hadden een steenbakkerij en er werden boeken gekopieerd. Aan het eind van de 15e eeuw nemen de fraters het initiatief tot het aanleggen van de IJsseldijk en het graven van de weteringen, hierdoor kan veel meer land in cultuur gebracht worden. In 1519 stelt Karel van Gelre een waterschap in voor de kerspelen (middelnederlandse benaming voor een kerkgemeente of parochie) en buurschappen Vorchten, Wapenveld, Veessen, Hoorn en de stad Hattem

Bij het begin van de Tachtigjarige Oorlog in 1572 werd het klooster in Hulsbergen geplunderd en verwoest door edelen en geuzen in het kader van de opstand geleid door Willem van Oranje.
In 1813 kwamen de Kozakken Nederland bevrijden van de Franse bezetting, ze waren ook in Wapenveld gelegerd. Ter herinnering werd er bij de Revlingseweg een lindeboom geplant. Deze kreeg de naam bevrijdingsboom of herdenkingsboom. Een legende wil dat onder deze linde een paard van Napoleon begraven ligt. Deze boom werd bijna tweehonderd jaar later wegens ziekte omgezaagd, maar in 2006 werd er een nieuwe linde geplant. Na de Franse tijd ontstonden er bij het dorp plaggenhutten, waarin ontheemden uit de oorlog zich blijvend vestigden. 

De gelopen route.


Het is nog aardig donker als we midden in het Zwolse bos uit de auto stappen. Na een tijdje wordt het licht genoeg om wat foto's te maken. De lucht ziet er prachtig uit. Aan de Wapenvelderweg in het Zwolse Bos is het P-Veluwe Pompstation te vinden. Het Zwolse Bos is in 1911 aangeplant voor de houtproductie en de drinkwatervoorziening van Zwolle.

In het 'kret', de kilometerslange verdiepte sleuf door het bos, liggen nog steeds de ijzeren buizen in de grond die het water naar het pompstation voerden. Vandaar werd het water naar de watertoren op de Turfmarkt in Zwolle gepompt. De bewoners noemen de Wapenvelderweg nog vaak 'Zwàtteweg'. Het pompstation werd gestookt met cokes en de jarenlange transporten van deze kolen zorgden door de neerslag van kolengruis voor de zwarte kleur van deze route.


De dennenbomen op dit stuk staan er belabberd bij, maar de berken lijken het hier meer naar de zin te hebben. Berken groeien alleen op heel vochtige plaatsen, iets te vochtig voor de dennen zo te zien.


We horen een specht tekeer gaan en even later zien we een zwarte specht. Het rode kapje op de kop is niet zo goed te zien, het is nog net te donker.


Een kleine bonte specht laat zich ook zien en de Zwarte specht gaat poolshoogte nemen, zo is het verschil tussen de spechten duidelijk te zien. 


Eindelijk een beetje licht en nu kunnen we het mooie landschap goed zien.


We lopen langs een gebied met de naam Petrea. Ten westen van Wapenveld ligt het landgoed Petrea. Het westelijk deel van Petrea ligt op de Woldbergstuwwal, die in de voorlaatste ijstijd is opgestuwd. Het oostelijk deel van Petrea maakt echter onderdeel uit van een zeer groot en langgerekt systeem (20 km) van paraboolduinen, dat ook door De Dellen en Scherpenberg en Majuba loopt. Deze duinen zijn in de laatste ijstijd opgestoven bij westen- tot zuidwestenwinden. De hoogte van de duinen is soms wel 12,5 meter. Dit paraboolduinsysteem is internationaal gezien uniek.

Rond 1850 was dit landgoed eigendom van de bekende weerkundige professor Chr.H.D. Buys Ballot. Hij ontgon een klein stuk van zijn bezit en stichtte daar de boerderij Petrea en hij probeerde ook van het aanwezige leem stenen te bakken. Vermoedelijk komt daar ook de naam vandaan: petra is Grieks en betekent steen. Op een kaart uit 1871 zijn nog leemkuilen en steenovens te zien. In 1903 werd Petrea gekocht door dr. J.E. van der Meulen. Zijn zoon mr. J.E. van der Meulen, oud-vice-president van de Hoge Raad overleed in 1968 en schonk het 307 hectare grote gebied aan het Gelders Landschap. Het is het grootste legaat dat het Geldersch Landschap ooit mocht ontvangen.


We lopen een stukje het landgoed op om deze plaat te schieten.


Naast het Petrea bordje ligt een berk. Volgens mij groeit er een geelbruine plaatjeszwam op de berk en dat is de eerste keer dat ik zo'n zwam op een berk zie. Meestal groeien er berkenzwammen op een dode berk.


Een stukje verderop vind Janny wat heksenboter. Heel apart spul.


Leuk om dit bos eens te bezoeken, er liggen hier prachtige stukken open veld.


De zon staat nog laag aan de hemel en dat is hier op het pad goed te zien. Het is hier heerlijk rustig, we hebben nog niemand gezien in dit bos.


We komen aan op een mooie heide en hier eten en drinken we wat. Een heel bos voor jezelf hebben is toch wel een mooi gevoel.


Dit is het zicht naar links, net buiten het beeld staat het bankje waarop we zitten.


We lopen een beukenbos binnen en ook hier is het prachtig.


Aan het einde van het beukenbos begint het dennenbos, zo wisselen de verschillende bossen elkaar mooi af.

In het eikenbos is ook veel te zien.


We komen terug op de parkeerplaats, maar het is nog te vroeg om terug te gaan naar het hotel. We willen rond 09:00 terug zijn voor het ontbijt. Dus lopen we nog een stukje en zien een kleine zwartkop in de struiken zitten. Tot september hebben de mannetjes en de vrouwtjes het zelfde roestbruine kopje, daarna wordt het kopje zwart. 


Op het zelfde pad komt een jongen haas ons tegemoet. Hij ziet ons niet, maar lijkt toch te weten dat er iets niet klopt aan het plaatje. Hij gaat rechtop zitten en kijkt rond. Na een tijdje neemt de jonge haas het zekere voor het onzekere en gaat er toch maar vandoor.



Rond 08:30 rijden we weer naar Epe en zijn we ruim op tijd voor het ontbijt.
Daarna gaan we nog even uitrusten en duiken daarna nog een uurtje of drie de sauna in. :-)
Later op de dag maken we ons weer op om naar ons favoriete wok restaurant in Epe te gaan.
Ook dit restaurant is een aanrader wat ons betreft, dus als je in de buurt bent....


Binnenkort deel III van de wandeling door het verleden in de AWD.
Iedereen weer bedankt voor de reacties op het vorige blog!!
Groet,
Peter en Janny





woensdag 20 juli 2011

Een paar dagen Epe

Het is vakantie en we pakken de spullen om weer eens een paar dagen naar Epe op de Veluwe te gaan. We verblijven in het Golden Tulip Hotel aan de Dellenweg en ligt midden in het Eperholt bos de Dellen.
 

Wapen van Epe.

Gemeente Epe heeft een rijke geschiedenis. Al ver voor het begin van onze jaartelling was het gebied van de huidige gemeente Epe bewoond. Dit blijkt uit de vele prehistorische vondsten en de nog aanwezige grafheuvels uit de nieuwe steentijd (4000 - 1700 voor Christus). 
Bijzonder voor Nederland zijn de zogenaamde "celtic fields", dat zijn prehistorische akkers van vierkante vorm die omgeven zijn door aarden walletjes. Er ligt een heel complex (ca. 76 ha) van deze akkertjes bij Vaassen rond de Gortelseweg. Ze dateren uit de tijd van 500 voor tot 200 na Christus en vallen dus in de ijzertijd.

De prehistorische mens die zich als eerste voorgoed op de Veluwe vestigde, was geen halve wilde of domme jongen. Hij bezat kennis van de cyclus van zon en maan, ging respectvol om met zijn doden en eerbiedigde eeuwenlang de cultus van zijn voorouders. Behalve hun grafheuvels lieten die oudste bewoners van de Veluwe ook sporen van hun akkercomplexen na. 
Die prehistorische boer kwam uit Denemarken en Noord-Duitsland. Op zoek naar nieuwe gebieden kwam hij, zo'n 3400 jaar voor Christus, naar het noorden en oosten van Nederland.
Ze kwamen hier met iets heel nieuws: akkerbouw. Vóór hen hadden er alleen jager en verzamelaars op de Veluwe rondgezworven. Behalve akkerbouw bracht de prehistorische boer zijn cultus mee." Daartoe behoorden zijn omgang met de doden. "Die werden begraven op een verafgelegen hoog punt, een bestaande heuvel of juist op een laag punt, langs het water nabij de nederzetting.
 
De grafheuvelbouwers konden vanuit hun woonplek de hoger gelegen heuveltoppen in de verte zien liggen. "Toen de boeren die na hen kwamen hun doden begroeven in nieuwe grafheuvels tussen die twee uitersten, ontstond vanzelf een lijn." Zo'n grafheuvellijn, de mooiste van Nederland, ligt tussen Epe en Niersen.
Daar liggen enorme grafheuvels, met een gang erin naar de dodenkamer. Die gang is precies op een bepaalde zonnestand gericht.
Epe telde op 1 Januari 2011 ruim 15.436 inwoners en er is sinds 3400 jaar voor christus heel veel veranderd in en om dit Gelderse stadje.  

Tot zover een stukje geschiedenis, in het heden gaat we met de camera's op pad in de prachtige bossen bij Epe.
Het is vrij donker weer, maar het is droog als we vanaf het parkeerterrein van het hotel het bos binnenlopen. Het donkere weer is helaas meestal wel van invloed op de kwaliteit van de foto's :-(

De gelopen Route.

We zijn nog maar net op weg als we de eerste zwam vinden op de Renderklippenweg. Het aantal verschillende paddenstoelen varieert sterk per bos. In dit bos vinden we relatief veel paddenstoelen, terwijl we de volgende dag in het bos bij Wapenveld zo goed als geen paddenstoelen vinden. 


De gewone zwavelkopjes steken de kop weer op. Het natte weer is natuurlijk ideaal voor deze soort.


In een stuk dennenbos zien we de eerste koraalzwam. De koraalzwam voelt zich wel thuis in dit soort bossen, in een loofbos zal je hem niet snel tegenkomen.


Nog een kleine explosie van kleine Zwavelkopjes.


Vlakbij de Galgenberg vinden we deze roze Russula. De Galgenberg dankt zijn naam aan de executies welke hier vroeger plaatsvonden. Menig misdadiger heeft hier een tijdje 'rondgehangen'.


Een slanke Amaniet als ik het goed heb. De hoed is al volledig open, dan moet je altijd even goed kijken om hem te herkennen.


Een grauwe amaniet. Amanieten zijn vaak te herkennen aan de schubben op de hoed welke bij de vliegenzwam (ook een amaniet) de witte stippen vormen, dit zijn restanten van het omhulsel of velum universale dat de jonge paddenstoel omgeeft.
Amanieten (Amanita) vormen een geslacht van schimmels behorend tot de familie Amanitaceae.
De amanieten hebben onderaan de steel een knol omgeven door een schede of beurs, en net onder de hoed een manchet of annulus.


We komen lopen hier langs de heuvels van het heidegebied De Renderklippen. Hier staat een schaapskooi.


We verrassen een aantal kabouters bij hun hol en kunnen nog net dit plaatje schieten, twee seconden later zijn ze in hun hol verdwenen. Ik zal dit kabouterhol later nog even melden op Waarneming.nl.


We worden in de gaten gehouden door deze roodborst.


Halverwege de wandeling zien we een Kastanje bolleet. De kastanjeboleet is een algemeen voorkomende soort in naald- en loofbossen en is in de herfst te zien. Deze is dus een beetje aan de vroege kant. De onderkant van deze boleet is geel, het is een buisjeszwam en heeft dus geen lamellen zoals bijvoorbeeld de vliegenzwam.


In het bos vlakbij de heide vinden we een Slanke Amaniet. Deze Amaniet heeft geen schubben op de hoed. In dit stadium is hij makkelijker te herkennen. (voor mij dan ;-))


De hond van de herder ligt verscholen en houd een oogje op de kudde.


We maken een praatje met de herder die zijn schapen hier dagelijks laat grazen. Het begint nu wel te regenen, maar dat duurt maar een paar minuten en dan kan de regenkleding weer terug in de rugzak.


Deze den steekt prachtig af tegen de donkere lucht. Als bonsai liefhebber is dit geweldig om te zien.


We verlaten de Renderklippen en wandelen weer op ons gemak terug naar het hotel.
















We gaan nog even wat uitrusten in het hotel en gaan ons daarna klaar maken om lekker te gaan eten bij de slimmerick in Epe.
Mocht je daar eens in de buurt zijn en een leuk en goed restaurant zoeken, dan is dit zeker een aanrader.


 De Slimmerick
Hoofdstraat 106a
8162 AN, Epe
Tel: 0578 - 629887
Fax: 0578 - 628557
E-mail: info@slimmerickepe.nl

Iedereen nog bedankt voor de reacties op het vorige blog!!

 Groet,
Peter en Janny