zaterdag 2 juni 2012

Castor en Pollux

Omdat we zoveel mogelijk plekken in de AWD precies vast willen leggen met de GPS, moet je af en toe toch naar de plek zelf toe omdat ze in Mapsource of Google Earth niet of bijna niet te zien zijn. Vandaag gaan we naar een stukje AWD welke we nog niet eerder hebben bezocht om daar te zoeken naar de bergjes Castor en Pollux genoemd naar twee figuren uit de Griekse en Romeinse mythologie en naar twee sterren in het sterrenbeeld Tweelingen. 
De twee steile hoge heuvels op het Stekkenveld worden ook wel 'De Tweelingbergen' genoemd.
Het is rond 16:00 als we gaan beginnen aan onze avondwandeling. Het voordeel is dat je na 17:00 nog maar weinig mensen in de AWD tegenkomt en het heerlijk rustig is.

De gelopen route.



















We beginnen de wandeling bij ingang De Zilk  en lopen via de Joppeweg richting het Oosterkanaal. Rechts van ons zien we de Steneberg liggen en bij de eerste kruising komen we Paul van der Stap tegen die weer bezig is met een rondrit door de AWD. Voor degene die de AWD voor het eerst willen gaan bezoeken is dit zeker een aanrader, want Paul verteld tijdens de rondrit heel veel over het gebied.














We lopen verder en passeren links van ons  De grote Pan. Een dertigtal meter voor de Brug van het Paardenkerkhof bij het Oosterkanaal zien we een afwateringsgeul welke van het Paardenkerkhof naar Het Schrama liep en vandaar weer verder naar het Vogelenveld. Het huidige Oosterkanaal is op twee punt dwars door de afwateringsbeek gegraven, bij het Schrama en een stuk verder bij het Vogelenveld. Als je de loop van de beek volgt wordt dat vanzelf duidelijk. De Beek van Schrama voerde tot ongeveer 1900 nog het overtollige water af. Hieronder zie de Drift van de Stenenberg en rechts op de foto zie je een stukje van Het voorste bosje.

















Als we op de brug aankomen zien we zes joekels van Graskarpers zwemmen.











We vervolgens onze weg over Het Schrama, wat een verbastering is van de naam  's Gravemade. En Made betekend zoveel als weide, dus Weide van de Graaf. Dit stukje AWD was al rond 1604 in gebruik door de familie 's Gravenmade als teelgrond. Op het Schrama werd op kleine schaal bollen geteeld. De beek van het Schrama was hier geen overbodige luxe want het was een redelijk moerassig stukje grond waar waarschijnlijk ook rogge, kool en boekweit werd verbouwd. Hier vind je de familiestamboom van de familie Schrama ('s Gravemade).

Als je langs het Schrama loopt dan kun je nog steeds de akkers zien liggen. Deze akkers zijn in het verleden door verschillende landbouwers in gebruik geweest zoals Piet Smit, Geert Geerlings, Klaas Kemp en bollen teler Cors van der Vossen. In 1925 werd het Oosterkanaal dwars door het Schrama gegraven en toen was het gedaan met de teelt. Er staan hier veel eiken, elzen en wat dennen en hieronder zie het stuifmeel van zo'n den het luchtruim kiezen.

Je vind hier ook veel verschillende vogelsoorten, maar de koolmees zie we nog het meest op het Schrama. Maar ook vlinders zijn hier volop aanwezig.

Een stuk verderop ligt het Vogelenveld waar we de loop van de beek weer oppikken en ook hier is nog duidelijk te zien dat er vroeger landbouw bedreven werd. Hier heeft ook de boerderij van het Vogelenveld gestaan en op het bovenstaande routekaartje is te zien waar de boerderij (BVV) ongeveer heeft gestaan. We struinen wat rond op die plek, maar vinden nergens meer sporen van de voormalige boerderij in het landschap. Het Vogelenveld vallei wordt pas in 1821voor het eerst in stukken genoemd en in dat jaar wordt de boerderij hier ook gebouwd. De vallei werd als weiland gebruikt en aan de oostkant bevonden zich de akkertjes die je hieronder ziet.

In het westelijke gedeelte van het Vogelenveld zie je nog steeds de afwateringsgeulen in het landschap. Hieronder zie je nog zo'n geul links van de boom en als je de loop van die geul volgt, dan zie aan het eind een T splitsing richting noord en zuid. Deze geulen waterde af in de Beek van het Zegveld en daarna weer aansloot op de De Kromme beek. De Kromme beek kon door de toevoer van al dat water soms veranderen in een woest kolkende beek.

Deze Kromme beek is nog steeds te vinden in het landschap bij de brug over het Oosterkanaal aan het einde van de Laan van Gerrit Hulsebosch. De eerste boer op het Vogelenveld was Jan Meiland die later werd opgevolgd door Arie Meiland. Daarna werd het gepacht door Arie Hulsebosch die later weer weer opgevolgd door zijn broer Gerrit Hulsebosch, hier vind je de familiestamboom van deze familie.

We lopen schuin over het Vogelenveld en het Palmveld naar de Lindeberghweg bij de Ome Janneberg. Op beide velden liggen stukjes land met veldnamen als Bokkenwei, Grensbaan, Perentuin, Klazenwei, Uilenbos, Vlak van 't oude huis, Balvers bosje en Bunksemkuil. Al die namen hebben een betekenis die dankzij mensen als Frans P. van den Berg en Jachtopzichter Engel van der Meulen zijn opgetekend. Hieronder zie je Engel van der Meulen met zijn hond in het landschap van de AWD. Oorspronkelijk stond Engel van der Meulen op een zeer slechte kopie van een zwart-wit foto afgebeeld waarvan de duinen op de achtergrond bijna niet meer te zien zijn, dus heb in de man en zijn hond uit die foto gelicht en in kleur weer terug in de huidige AWD geplaatst.











Een blommetje op het Palmveld (oude naam is Palmvelt). Die naam is vermoedelijk afkomstig van de mol die vroeger Palmdier werd genoemd.


























We besluiten om deze keer eens niet de Ome Janneberg te beklimmen, maar meteen door te lopen naar het Nieuwkanaal voor het avondeten. Het is zeer warm dus gaan we in de schaduw bij het kanaal zitten. Janny heeft macaroni gemaakt en dat is nog behoorlijk heet gebleven in de thermoskan. En daar zit je dan midden in de duinen het avondeten te nuttigen met dit als uitzicht, wat wil je nog meer? We zitten hier aan de rand van Het Russenvlak. Op het Russenvlak lagen een aantal barakken waarin russen uit het Aziatische gedeelte van Rusland in WOII gelegerd waren, en gedwongen tewerkgesteld. Door de scheven stand van hun ogen werden deze Russen 'Pindamanntjes' genoemd door de gebroeders Krijnen.























Op het Russenvlak barst het van de libellen en het is nog eens een prachtig stuk AWD waar je zeker eens moet gaan kijken.



























We vervolgen onze weg in zuidwaartse richting via het IJzerenmannevlak. Vlabij het einde van het Ijzerenmannevlak heb je een prachtig zicht op de Kuifeendenplas (geul 36). We moeten hier even over een hekje klimmen en daar hou ik een leuke winkelhaak in mijn wandel en onderbroek aan over. Je moet wat over hebben om al die oude plekken in de AWD te vinden en de locatie met de GPS vast te leggen. :-)  Het is geen verboden gebied, het hek zit waarschijnlijk op slot zodat de koeien en schapen er niet uit kunnen lopen als iemand per ongeluk het hek open zou laten staan. Het zou leuk zijn als Waternet hier zo'n handig overstapje zou plaatsen, net als bij het eiland van Rolvers.

























In dit stukje AWD zijn we nog nooit geweest en in dit gebied liggen stukjes AWD met veldnamen als Bosjes van Leen Poes, Ketelpannen, Kuiken park, Parkhoek en Langevlak. Met behulp van de oude kaart uit 1969 gaan we hier op zoek naar de Tweelingbergen Castor en pollux. Doordat het nogal vochtig is in dit stuk bereiken we Pollux uiteindelijk via een omweg en vanaf Pollux heb je dit prachtige uitzicht over de Reigerplas. Links en net buiten beeld ligt het bergje Castor die we ook nog even beklimmen.

De gemiddelde wandelaar zou dit gebied niet zo snel betreden vanwege het hek en je vind hier dan ook zo goed als geen voetsporen in het zand. Omdat het al laat begint te worden besluiten we om dit gebied een andere keer nog eens te gaan verkennen en gaan we weer op pad richting de uitgang. Eens kijken of ik zonder nieuwe winkelhaken weer over dat hek kom. :-)


























We wandelen over de dam tussen het Nieuwkanaal en Kromme Schusterkanaal door naar de Appelenpan. Hier hebben we het gevoel bekeken te worden.


























We wandelen verder over de Dubbele Drift, Berkenwal, Mees zijn Bosjes, langs het Drift van de Blauwe Paal naar de Vogelenvelderweg. Deze rakker houd ons scherp in de gaten.


























De zon begint al onder te gaan als we op het Franse vlak aankomen. We lopen nog even langs het kabouterdorp om een kabouter die we thuis nog hadden staan als nieuwe bewoner toe te voegen. Het valt op dat een van de kabouters die de boswachter de vorige keer naar deze plek heeft gebracht ontbreekt. Misschien hij ondanks dat hij op de heenweg geblinddoekt was door de boswachter, de weg naar huis weer heeft gevonden? We hebben geen losgeld briefje gevonden, dus van ontvoering zal geen sprake zijn.

Dit was weer een heerlijke avondwandeling en rond 22:00 gaan we weer naar huis.
Iedereen bedankt voor de reacties op ons vorige blogbericht.
Groet,
Peter en Janny.

GPS coördinaten:
Beek van het Paardenkerkhof bij de brug van het Paardenkerkhof: (96.311 / 479.908)
Het Schrama: (96,3 / 480,2)
Het Vogelenveld: (96,9 / 480,8)
Boerderij Het Vogelenveld: (96.907 / 480.892)
Russenvlak; (482.560 / 96.765)
Castor: (96.121 / 482.345)
Pollux: (96.126 / 482.292)





zaterdag 19 mei 2012

Op zoek naar dingen uit het verleden

We hebben vandaag geen speciaal doel, dus kijken we wel wat er op ons pad komt. Rond 12:00 komen we bij De Zilk aan.

De gelopen route.

















We gaan eerst even kijken bij Pottenhoek die vlak naast de parkeerplaats aan de Joppeweg ligt.  De Pottenhoek was een stukje teelland waar vroeger veel potten te vinden waren. Dit waren geen potten waar je iets in kunt stoppen, maar een pot is een hazenleger. Gezien de drukte bij de parkeerplaats zul je hier geen haas in de pot meer vinden. We vervolgen onze weg langs het hekwerk naast de N206 want we willen een kijken of er nog resten van een aantal stokoude paden te vinden zijn.

Deze paden liepen vanuit de AWD over wat nu de N206 is naar de overkant buiten de AWD. Een zo'n pad was het Pad van Duivenvoorden, dat was een verbindingsweg tussen Jachthuis Paardenkerkhof en 't Ouwe Huis aan de Zilkerduinweg. De Duivenvoorden waren de bouwers van beide huizen. De boerderij 't Ouwe Huis is omstreeks 1880 gesloopt. Hoewel we op de exacte plaats staan waar het pad vroeger liep, is er niets van terug te vinden. Zelfs met Google Earth kunnen we geen spoortje meer vinden van dit pad, dus weer is er een stukje geschiedenis in het niets verdwenen.

Het Paardenkerkhof ziet er overigens prachtig uit in deze tijd van het jaar. Overal waar je kijkt is het rood van de hier weelderig tierende Schapenzuring te zien. We laten het verdwenen Pad van Duivenvoorden achter ons en vervolgen onze weg naar het volgende oude pad op het Paardenkerkhof. Dat is het Pad van de Bergjes, dit pad sloot zich vlakbij de N206 aan op het Pad van Duivenvoorden.

Vanaf de grond is er niet meer te zien van dit pad, maar via Google Earth zien we nog een heel klein stukje van het voormalige pad van de bergjes in het landschap.
We hebben de coördinaten van het kleine stukje pad, dat plaatsen we onderaan dit bericht samen met de andere coördinaten. We gaan verder naar het volgende voormalige pad.   

Zoals hierboven en hieronder te zien valt, kleurt de Schapenzuring het landschap van het Paardenkerkhof. Schapenzuring (Rumex acetosella) is een vaste plant die behoort tot de duizendknoopfamilie (Polygonaceae)
De plant wordt 10-60 cm hoog en vormt veel en lange ondergrondse uitlopers.
De 3-7 cm lange, spiesvormige bladeren zijn omgekeerd-eirond tot lijnvormig. Schapenzuring bloeit van mei tot de herfst met meestal groene of lichtrood aangelopen pluimen. Soms zijn ze donkerrood.
De 1-1,5 mm lange vruchtkleppen (binnenste bloemdekbladen) zijn niet of nauwelijks langer dan de vrucht. Ze zijn ongetand en zonder knobbels. De vrucht is een driekantig nootje. In een gram zaad zitten circa 3800 zaden. Schapenzuring komt voor op droge, stikstofhoudende zand-, heide- en veengrond.

Ter hoogte 't heitje in de AWD en de Catharijnehoeve aan de andere van de N206 ligt het Pad van Dobbe. Dit pad werd door boer Dobbe gebruikt om zand uit de duinen te halen. Dat zand stortte hij op vochtige plekken in het weiland en in de stallen als antislip voor de koeien. Van het pad van Dobbe konden we alleen nog een piepklein stukje vinden, maar dan moet je wel weten waar je moet zoeken.  
Het pad van Dobbe was een aftakking van het voormalige Pad van de Westerduinslag welke nog wel in het landschap van het Paardenkerhof te vinden is en in Google Earth is het ook nog te zien. Janny fungeert hier even als padmodel en gaat even op het Pad van de Westerduinslag staan. Achter mij loopt het pad het Dooie bos naast de N206 in.

We lopen in de richting van de Wei van Sasbergen via het Rommelbos, welke in de verte op de bovenstaande foto te zien is. De vroegere stropers porde/rommelde met stokken in de holen om de dieren eruit te drijven, vandaar de naam van dit bos. Langs de Wei van Sasbergen loopt de Beek van het Paadenkerkhof welke vroeger voor de afwatering van het overtollige water in dit gebied zorgde. De Wei van Sasbergen behoorde tot de landerijen van de voormalige boerderij Sasbergen.

Door het graven van de kanalen is het gebied sterk uitgedroogd en nu is deze beek overbodig geworden. Maar gelukkig bestaat de beek nog wel en is hij vrij makkelijk terug te vinden in het landschap. We volgen de Beek van het Paardenkerhof helemaal naar het hekwerk helemaal aan het eind van Sasbergen, vandaar loopt de voormalige beek buiten de AWD door in de richting van Noordwijkerhout. Hieronder zie je beek tussen de bomen. Er loopt nu een pad dwars door de beek, maar gelukkig is dit stukje AWD geschiedenis nog steeds te vinden in het landschap..

Bij het Zweefvliegveld in de Paradijshoek vind je ook nog een aantal aftakkingen van de beek. Het is niet helemaal duidelijk waar de naam Paradijshoek vandaan komt. Kan iets te maken hebben met de 'Rijkdom' van het gebied.

Op het Zweefvliegveld liggen een paar damhertmannen in tussen de Schapenzuring.

Ik kan niet goed zien of ze van de Schapenzuring eten of van het gras.

We pauzeren even op een bankje en kijken een tijdje naar de opstijgende zweefvliegtuigen. Ons volgende doel is het voormalige jachtopzichters woning Starrenbroek bij de Pan Van Janus, we zijn benieuwd of we nog overblijfselen terug kunnen vinden van deze woning. We passeren het begin van het Oosterkanaal en na een 50 tal meters komen we op de plek waar de voormalige jachtopzichters woning Starrenbroek moet hebben gestaan volgens de oude kaarten. 

Als ik het goed heb, dan woonde jachtopzichter Janus van der Meulen, in deze woning van 1924 tot 1947. Bij de voormalige jachtopzichters woning stond ook de Pomp van Janus, dus ook die zal naar de bewoner zijn genoemd. Helaas kunnen we op de betreffende plek geen spoortje terugvinden van de woning.

Wel barst het hier van de Grasmussen, Roodborst Tapuiten en vuurvlinders, het landschap prachtig dus is de teleurstelling niet al te groot.

De Roodborst Tapuit.

En ik gok even dat dit een Grasmus is. Gelukkig zijn er bloggers die hier weer veel meer van weten, dus de echte naam krijgen we vast wel te horen. :-)  Dat is altijd erg prettig!

We gaan weer verder via het Narcissenkrocht richting het Haasveld. Hier zou de Beek van het Haasveld te vinden moeten zijn, dus gaan we eens kijken wat er nog over is van de beek. Het Narcissenkrocht is een oud duinakker waar men bloembollen teelde. Hier en daar zie je in de lente nog steeds narcissen staan. De beek van het Haasveld zorgde in het verleden voor de afwatering van het overtollige water in dit gebied.

Tot 1895 stroomde er nog volop water door de beek en dit gebied was in die tijd behoorlijk drassig. In de natte periode had men goede laarzen nodig om door dit gebied te wandelen, maar ook hier heeft de uitdroging toegeslagen door de aanleg van de kanalen en nu staat er nog maar zelden water in de beek. Janny fungeert hier weer even als beekmodel en staat midden in de droge beek. We zien hier de loop van de beek in de richting van de Ruigthoek en de beek loopt achter ons nog richting de Pan van Janus op Starrenbroek.

We volgen de beek naar de Ruigthoek bij de Haasvelderweg. De naam Ruigthoek komt van Ruigt, dat is bijvoorbeeld een duinriet wat wordt gebruikt om bloembollen af te dekken in de winter of gebruikt wordt voor het vee. Bij de Ruigthoek liggen de voormalige akkers waar de beek op uit komt. In de beek die om deze akkers loopt wil in de natte wintermaanden nog wel eens wat water staan. In de zomer groeit de geel bloeiende wederik en de paarse kattenstaart op de oevers van de beek. Hieronder is het hek langs de Haasvelderweg in de verte te zien te zien. En hier zie je (onder in het midden van de foto) de ondiepe beek.

Het is soms even zoeken, maar uiteindelijk is er nog genoeg uit het verleden terug te vinden in de AWD. We bekijken de AWD nu met hele andere ogen dan toen we nog niets over het gebied wisten. We gaan nu nog even naar de vinkenbaandriften om wat te eten en om te kijken of we nog vossen kunnen spotten. Na het eten gaan we dwars door de Vinkenbaan driften richting het Franse vlak. Hier zie ik een vos lopen, maar ben ik net te laat om een foto te kunnen maken. Wel zien we hier een damhertman die er nog niet helemaal uit is of hij moet blijven staan of hard weg zal rennen. Het wordt uiteindelijk hard wegrennen.
  
De Vinkenbaandriften liggen bij de voormalige en oudste vinkenbaan in de duinen. Dus de vinkenbaan bij de Oranjekom is zeker niet de enige vinkenbaan in de AWD. Ook op het Renbaanveld vlakbij de Aalscholver eilanden lag vroeger een vinkenbaan, het vinkenhuisje wat bij deze baan hoorde staat nu in een openluchtmuseum. We wandelen door laag en hoogstruweel naar het Franse vlak en stuiten daar op het Kabouterdorp. Altijd even vriendelijk die kabouters, dus blijven we even wat rondkijken in het dorpje.

Als je teveel lawaai maakt komt deze kabouter je hier even op wijzen. Tja, je bent hier tenslotte te gast.

Het dorpje staat hier al zo'n 15 jaar en het aantal inwoners groeit nog steeds. Er hangt zelfs een kabouterbrievenbus waar kinderen briefjes voor de kabouters kunnen achterlaten. De afgelopen weken is de bevolking in het kabouter dorpje nog wat gegroeid. Boswachter Gerard heeft twee kabouters uit Alphen aan de Rijn geblinddoekt naar het kabouterdorp gebracht zodat ze de weg terug niet kunnen vinden, hieronder kun je zien hoe dat precies ging.



We nemen nog even afscheid van de onderstaande bewoner en we gaan op weg naar de uitgang.

Bij de Paardenkerkhof brug over het Oosterkanaal zien we nog drie mountainbikers richting de zeereep scheuren en iemand op een driewieler zonder ontheffingskaart. We geven dat door aan de boswachter, maar die zal waarschijnlijk te laat komen om ze nog aan te spreken op hun overtreding.
Het kan toch niet zo heel moeilijk zijn om een boswachter een aantal dagen rond 17:00 bij deze brug te parkeren, zodat hij deze mensen eens op de bon kan slingeren voor het illegaal fietsen en ze zullen vast ook niet in het bezit van een toegangskaart zijn. Langzaam maar zeker beginnen ze steeds brutaler te worden en het zal niet zolang meer duren voordat je opzij moet springen om niet omver gereden te worden, net als op de Veluwe.

Jammer dat je dit nog moet aanzien na zo'n mooie wandeling door dit unieke WANDELGEBIED.

Pottenhoek                             (479.760 / 96.800)
Pad van Duivenvoorden            (479.467 / 96.479)
Pad van de bergjes                  (479.335 / 96.473)
Pad van Dobbe                        (478.952 / 96.382)
Pad van het Westerduinslag     (479.099 / 96.217)
Rommelbos                            (479,100 / 96,100)
Wei van Sasbergen                 (478.599 / 95.355)
Paradijshoek                          (478.995 / 95.560)
Pan van Janus                        (480,000 / 95,300)
Narcissenkrocht                     (479.850 / 95.005)
Beek van het Haasveld            (480.337 / 95.332)
Ruigthoek                              (480,500 / 95,600)
Vinkebaandriften                    (480,700 / 95,900)
Franse vlak                            (480,300 / 96,200)

Om privacy redenen publiceren we de GPS coördinaten van het kabouters even niet. :-)

Iedereen nog bedankt voor de leuke reacties op ons vorige verhaal!

Groet,
Peter en Janny





dinsdag 15 mei 2012

Mitrailleurkoepel op de Luizenberg

Op 14 Mei gaan we op zoek naar een mitrailleurkoepel in de AWD. Tijdens het overzetten van alle veldnamen van de landkaarten die in 1968 zijn gemaakt door F.P. van den Berg, zag ik dat er nabij de Luizenberg een kleine mitrailleurkoepel zou moeten staan welke in WOII door de Duitsers is gebruikt. Natuurlijk willen we deze mitrailleurkoepel eens gaan bekijken, dus gaan we op pad richting het Pietjes Zwarteveld en de Luizenberg. Deze keer gaan we GPS coördinaten niet in de tekst zetten, maar plaatsen we een lijstje onderaan dit verhaal.

De gelopen route.


















Bij het Panneland slaan we linksaf de Varenlaan op, die ook wel eens de Starrenboslaan wordt genoemd. Het is een tikkie fris, maar daar komt wat later op de dag verandering in en wordt het soms best warm. We passeren het Mosterd Bos, zo genoemd omdat er look groeit waarvan het zaad een pittige mosterdachtige smaak heeft en vroeger naar verluid als mosterd werd gebruikt. Aangekomen bij de Lange Hoeken zien we een groep damherten die hier lekker in het zonnetje grazen. De Lange Hoeken is voormalig teelland, ligt langs de Beukenlaan en is zo genoemd vanwege de lange vorm, iets wat hieronder nog wel te zien is.













We vervolgen onze weg naar het einde van de Lange Hoeken en lopen in de richting van de betonnen toevoersloot die langs het Vinkenveld loopt. in de wintermaanden zijn hier veel vinken en kepen te vinden, dus vandaar de naam Vinkenveld.














Het Vinkenveld is een ook prachtige plek om te picknicken.
















We lopen een klein stukje terug naar het Achterste Panneland want daar willen we via het dammetje de betonnen toevoersloot oversteken.















Als we bij de betonnen toevoersloot zijn aangeland besluiten we om even door het Naaldenbos te lopen, daar zijn we al een tijdje niet meer geweest. Het Naaldenbos is rond 1930 aangelegd, mogelijk om verstuiving tegen te gaan. In dit bos vind je alleen smalle paadjes die dwars door het bos lopen en het is een erg leuke wandelroute.
















We verlaten het Naaldenbos vlakbij Schulpdam, zo genoemd vanwege de schelpen die daar vroeger gestort werden. We gaan het Pietjes Zwarteveld op. Vroeger lagen hier weidegronden, maar daar vind je vrijwel niets meer van terug. Mussen werden hier vroeger 'Pietjes' genoemd, dus mogelijk komt de naam uit die richting.

Halverwege het Pietjes Zwarteveld slaan we rechtsaf het Koolaspad op en lopen na een tiental meters het Luizenbos in. Hier zijn geen paden, dus is het lekker struinen door bosjes en ander laag struweel richting de Luizenberg. We stuiten na een aantal meters op bunker 116, dat is een goed teken want bunkers liggen vaak niet zo ver van elkaar. Na een tijdje zien we een joekel van een heuvel midden in het dennenbos, dat moet de Luizenberg zijn. Tijdens het graven van de Oranjekom  stonden hier wat keten waar men vaak langdurig en onder slechte hygiënische omstandigheden verbleef, vandaar de naam van dit gebied.

Het is best nog een aardige klim naar boven maar vlakbij de top zien we ineens de onderstaande bunker liggen. De vaak metalen koepel is verdwenen, maar je ziet meteen dat deze bunker er anders uitziet als de bunkers die je hier en daar in de AWD tegenkomt. In de koepel zaten de geschutgaten waar de loop van de mitrailleur doorheen stak. De mitrailleurkoepel bunker ligt aan de oostkant van de Luizenberg. Het was blijkbaar niet de bedoeling om aanvallen vanaf het strand af te slaan, maar vanaf het binnenland.  
  
Als we in het gat kijken zien we veel kikkers en hagedissen die in het gat zijn gevallen. De hagedissen zullen er waarschijnlijk nog wel uitklimmen, maar voor de kikkers is dit een val geworden. Hieronder zie je de Mitrailleur bunker vanaf de voorkant, het gat dat je ziet is de bovenkant van de vroegere deur. Als we aan de andere kant van de Luizenberg afdalen, vinden we nog 4 bunkers die vlakbij elkaar liggen waaronder een bunker waar vleermuizen overwinteren.

We wandelen weer verder richting het Vliegermonument en zoeken daar een plek om wat te eten. We hebben thee, heerlijk broodjes en andere lekkere zaken bij ons, dus blijven we hier even een klein uurtje in de zon zitten genieten. Mijn oog valt op de onderstaande op een zweefvlieg die steeds stil in de lucht blijft hangen en dan ineens als een raket wegschiet. Gelukkig blijft hij lang genoeg stil hangen om één scherpe foto te kunnen schieten. Het valt nog niet mee om zo'n klein in de lucht hangend insect er scherp op te krijgen. Met autofocus lukt het al helemaal niet, dus moet ik met de hand scherpstellen en volledig inzoomen met de 50-255 lens. :-)  

Weer moet ik even stoppen met eten als ik deze insecten een stukje verderop zie landen. Ze zitten in ieder geval stil dus dat is iets makkelijker.

Het kan niet op want tijdens de picknick komt er ook nog mooi damhert aanlopen die even een tijdje blijft staan kijken wat we aan het doen zijn. Als we klaar zijn lopen we langs het Vliegermonument, hier staat een gedenksteen ter nagedachtenis van een daar in 1945 neergestort vliegtuig van de Geallieerde Luchtmacht. We gaan nu richting het Sprenkelveld en vinden daar een kleine poel tussen het Hardenbroekerpropje (genoemd naar Baron van Hardenbroek) en het Van Heeckeren’s Pannetje (genoemd naar een jager die iets bijzonder meemaakte, geen idee wat dat was).

Hier lopen we op het Nieuwe Kromboomsveld. Genoemd naar de boompjes die hier krom gegroeid zijn omdat het hier vaak stevig waait. We willen nog even langs het in 1853 gegraven Zwarteveldkanaal. In deze tijd van het jaar is het daar extra mooi vanwege de  mooie lichtgroene kleur van de nieuwe bladeren, die steken mooi af tegen de dennen in dat gebied.   

Het Zwarteveldkanaal.

En hier kom je dan dit soort schitterende creaties tegen.

Het Zwarteveld kanaal is onder andere in de jaren 1856, 1882, 1901 en 1955 verlengd en aangepast. Je vind hier veel verschillende soorten eenden en andere waterdieren waaronder de Roerdomp.

Het was een schitterende dag en na een uurtje of 5 in de AWD te hebben rondgelopen gaan we weer richting de uitgang en op weg naar huis om even lekker op de bank uit te blazen.
Met dank aan Coby de Natuurkieker die ons vertelde dat de vliegende insecten, zweefvliegen zijn.

En dan nog even de coördinaten voor de GPS wandelaars:

Mosterdbos                      (99,2 / 483,5)
Lange Hoeken                  (99,4 / 483,6)
Vinkenveld                       (99,3 / 483,7)
Naaldenbos                      (99,0 / 483,9)
Pïetjes Zwarteveld             (98,4 / 484,1)
Luizenberg                       (98,4 / 484,5)
Vliegermonument              (98,2 / 484,6)
Van Heeckeren’s Pannetje  (97,8 / 484,8)
Hardenbroekerpropje          (97,0 / 484,4)

Groet,

Peter en Janny