dinsdag 20 september 2011

Het AWD bij De Zilk

Het was maandag een mooie dag voor een wandeling bij De Zilk, deze keer meer plaatjes en wat minder tekst. :-) We komen rond 11:45 aan en we gaan via het Paardenkerkhof helemaal richting het zuiden van de AWD.

De gelopen GPS route is hier te downloaden.

Op het Paardenkerkhof is al goed te zien dat de herfst in aantocht is, de Adelaarsvarens worden al bruin. Het is nog bewolkt en er staat een stevig windje, maar in de verte zien we de blauwe lucht al aankomen.

Deze Jonge heren zijn aan het grazen maar ze slaan op de vlucht zodra ze ons zien. Gelukkig zagen we de damherten eerder. :-)

Helemaal in het zuiden van het Paardenkerkhof ligt Sasbergen en daar bevindt zich 't heitje. Dit is een uniek stukje in de AWD en de duinen van Zuid-holland. Voor zover ik weet is er verder nergens hei te vinden aan de zuid-hollandse kuststrook.

Als we hier komen dan moet ik deze berken altijd even fotograferen. Het zijn wat mij betreft de mooiste bomen. De lucht trekt open en de zon komt zo nu en dan vanachter de wolken tevoorschijn.

Deze Libel zit op een stuk Parasolzwam in de zon.

We lopen richting het westen richting de Gijzenplank en de Paradijhoek, dit was vroeger landbouwgrond voordat het gebied uitdroogde. De afwateringsbeekjes zijn hier nog steeds te vinden.

Volgens mij is dit een Bont Zandoogje.

We zijn hier bij de Rogge pan, een naam die aangeeft wat hier vroeger werd verbouwd.

We gaan hier even op een bankje zitten om wat te eten en te drinken. Een aantal kraaien vliegen over om even later te landen op het zweefvliegveld.

We kijken hier richting Starrenbroek. We lopen zuidwaarts langs het zweefvliegveld en onderweg blijven we hier en daar even plakken, want het barst hier van de bramenstruiken. Janny wil nog wat jam maken en onze papegaai is ook gek op bramen. 

Bij het Ruige Del zien we deze zandheuvel en wat opvalt is de donkere laag laag zand. Misschien veroorzaakt door een duinbrand in het verre verleden.

Bij de Slaaibergen komen we Paul van der Stap tegen met zijn paard en wagen. Hij is bezig met zijn rondleiding. Paul gaat linksaf en wij lopen de andere kant op en genieten hier van dit prachtige uitzicht. 

Als we op het Grote Vlak aankomen zien we Paul in de verte net uit het zicht verdwijnen.  Wat een prachtige vergezichten heb je hier toch in de AWD.

We kijken hier op de Pan van Janus, genoemd naar Janus van der Meulen die hier rond 1924 een zestal geiten hield bij de jachtopzichters woning aan het Starrenbroek. De geiten waren vastgebonden aan een paal en hielden zo het gras kort. Dat was een vorm van beweiding die rond 1820 veel gebruikt werd, bij Zandvoort alleen al stonden 40 van die geiten. Maar niet alleen daar, op het Zwarteveld liepen de geiten van Toon Jansen. Namen als Bokkenpoelen, Bokkevlak en Bokkenwei duiden nog op de plekken waar de geiten rondliepen.  

Pan van Janus.

Bij het Lange Velletje zien we deze koeien liggen en met zo'n achtergrond moet je dan wel een plaatje schieten. :-) Tussen de koe in het midden en de koe links zie je nog een ondiepe afwateringsgreppel.  Ook dit stuk werd vroeger als landbouwgrond gebruikt.

Een rode Libel op een flinke Stuifzwam.

Een kleine Parasolzwam.

Langs de Haasvelderweg zien we deze vogel, volgens mij is dit een vrouwtjes roodborsttapuit.

Bij de brug over het Oosterkanaal zien we dit jong om eten bedelen. Moeder Meerkoet duikt naar de bodem en als ze boven komt trekt het jong het zo snel mogelijk uit haar bek. 



Het uitzicht op 'Het voorste bosje'.

En hier zijn we dan weer vlak bij de uitgang. Het is toch nog een prachtdag geworden en we hebben genoten van de zon en al het moois in de AWD.

We gaan rond 17:30 weer naar huis om nog even op de bank te hangen. ;)

Iedereen nog bedankt voor de reacties op ons vorige blog 'Vinken vangen door de eeuwen heen'.

Groet,
Peter en Janny


En op 21 sept staat en een stukje over de afschot van damherten in de telegraaf.

zaterdag 17 september 2011

Nieuws van Stichting Natuurbelang AWD


Vandaag wat nieuws van Harry Hobo van Stichting Natuurbelang AWD over de plannen voor het aanleggen van een fietspad door de awd, en dat moet natuurlijk voorkomen worden.

Fietspad door Amsterdamse Waterleidingduinen
opnieuw ter discussie.

Traject alternatief fietspad afgekeurd - wat nu?
Een natuurtoets uitgevoerd door de  provincie Noord-Holland geeft aan dat het alternatieve fietspad traject wat door de klankbordgroep is voorgesteld en door de politiek goedgekeurd werd, niet kan doorgaan. Er is eenvoudigweg een te grote natuurvernieling. Grijs duin gaat verloren en de Korfslak heeft er ook onder te lijden. Op zich is dit goed nieuws.

Hoofdpijndossier nummer 1 - maar wat nu?
De provincie zal nu op zoek moeten gaan naar een ander traject. Eugenie ten Hag, van de provincie NH en projectleider fietspad, kan geen duidelijk antwoord geven op de vraag of nu alle opties weer open liggen. Dit impliceert dat de provincie blijkbaar toch ook weer de route door de AWD opnieuw bespreekbaar wil maken. Terug naar 2009 lijkt het wel.

Wat vindt Natuurbelang AWD.
We hebben u nodig om mee te denken.
Wij vinden dat het advies van de klankbordgroep ter harte moet worden genomen. Men heeft tenslotte 1 jaar lang kunnen nadenken en vele deskundigen geraadpleegd. De natuurgroepen in de klankbordgroep hadden grote voorkeur voor een route buiten het natuurgebied om. Dus langs de Vogelenzangseweg en Leeuwerikkenlaan. De tijd is nu gekomen om deze 'second-best ' optie uit te voeren. Een groot deel van de klankbordgroep staat hier tenslotte achter.
Deze voorkeursvariant is slechts 300 meter langer dan de nu afgekeurde route, geeft geen natuurvernieling en opent de mogelijkheid om de levensgevaarlijke Vogelenzangseweg aan te pakken. Iets wat de provincie al jaren negeert maar de situatie op de Vogelenzangseweg is echt niet meer van deze tijd. De ENFB staat voor de verandering nu eens aan onze kant en ziet het als een groot knelpunt. Wij zeggen, combineer een mooie route en een grote opknapbeurt van de Vogelenzangseweg.

Denk mee.

We zoeken mensen die willen meedenken voor de Waterleidingduinen. Er moet van alles worden gedaan.Folders uitdelen, politiek benaderen, informeren. Afhankelijk van uw eigen interesse is er voor iedereen wel werk, u kunt zelf beslissen hoeveel tijd u erin steekt, voor uw eigen AWD.
Om u op te geven kunt u bellen met H. Hobo 06-23 444 396 of email naar info@natuurbelangnederland.nl
Een ding is zeker, de klankbordgroep keurt - bijna unaniem - en route door de AWD af. Tenslotte was de klankbordgroep in het leven geroepen omdat er grote weerstand was en is tegen een route door de AWD.

14.000 handtekeningen en actiewandeling.
Niet zomaar, Er zijn 14.000 handtekeningen opgehaald. 80 procent van de AWD bezoekers ziet een fietspad echt niet zitten. 500-750 mensen kwamen opdagen bij de grote actiewandeling. Een ongehoord hoog aantal. De AWD voorziet blijkbaar in een grote behoefte. Randstad bewoners hebben behoefte aan rust en ruimte, het is een drukke wereld en na een week hard werken biedt de AWD datgene wat bijna nergens meer in Nederland gevonden wordt - rust. Je kinderen kunnen ongestoord over het pad rennen en hoeven voor de verandering nu eens niet op te letten. Een heerlijk en veilig gevoel. Maar ook trimmers weten de AWD te vinden. De bijna 1.000.000 bezoeken per jaar maken de AWD tot een belangrijk recreatiegebied.
Fietsen kan bijna overal in Nederland en juist het feit dat de AWD fietsloos is maakt de AWD uniek en voorziet zo in een grote behoefte. Een mens wil kunnen kiezen. Soms lekker fietsen en soms een paar uur pure ontspanning in een groot wandelgebied.
Het is jammer dat de politiek blijft inzetten op een verouderd idee hoe je natuur moet ontsluiten en toch nog te weinig naar de mening van de bezoekers luistert.

Waarom komt er eigenlijk een fietspad.
Er is dus geen enkele reden om niet te kijken naar een fietstraject buiten het natuurgebied om. Het fietspad zou noodzakelijk zijn om Europese subsidie binnen te halen. De provincie heeft altijd vol gehouden dat het traject dan ook wel minimaal langs /door de duinen moet lopen als voorwaarde. Dat blijkt echter niet waar. De EU stelt enkel als voorwaarde dat het fietspad een recreatieve functie moet hebben. De mate waarin dat het geval is mag de provincie zelf bepalen. Er is dus wat de EU betreft geen enkele noodzaak een traject door de duinen aan te leggen.

Politiek wordt wakker.
De provinciale fracties en wederom Amsterdam zullen opnieuw een nieuw traject moeten bekijken en goedkeuren. Hopelijk zien ze nu wel de waarde van de AWD in. Tzt zullen we u berichten wat u zelf kunt doen om de politiek te informeren.

zondag 11 september 2011

Vinkenvangen door de eeuwen heen

Eerder hebben we het al gehad over de functie van het huisje op Zeerust in de AWD. Ik dacht toen dat de portretten in het huisje die van de hoge heren waren welke door de eeuwen heen het Vinken beoefende. Na aardig wat speurwerk blijk dat toch iets anders te liggen. Dus deze keer wat minder foto's en meer tekst. :-)

Ter verduidelijking hieronder even een plaatje waarop de locaties van het Leyduin en Zeerust te zien zijn.

De vangsten op de eerste vinkenbaan 111 in het Leyduin waren teruggelopen als gevolg van de toegenomen bebossing. De baan lag in de duinen tussen de buitenplaatsen Leyduin en Woestduin. Het in 1805 gebouwde vinkenhuisje stond 'tegen over den Viersprong, waar thands het kanaal der Waterleiding zich in de beek van Leyduin stort'. Wegens onbevredigende resultaten werd een paar honderd meter ten oosten van de oorspronkelijke Zeerust-baan een nieuwe vinkenbaan aangelegd. Deze nieuwe vinkenbaan werd daar gebouwd door David van Lennep en deze vinkenbaan werd in of omstreeks 1856 in gebruik genomen.


In het vinkenhuisje bevindt zich een afzonderlijke ruimte voor de hokken van baanlopers (vogels), met boven de ingang het opschrift 'te huis voor baanloopers'.  Het huisje is een rijksmonument nr. 9713 en is gezamenlijk eigendom van de gemeenten Amsterdam en Bloemendaal. Rond 1955 is er nog wat geharrewar geweest over het feit dat de gemeente Amsterdam het vinkenhuisje het liefst aan het Nederland Openluchtmuseum in Arnhem wilde schenken, maar de burgemeester van Bloemendaal wilde daar absoluut niet aan en vond dat het huisje in Kennemerland thuishoorde.

Op een van de wanden van het huisje zijn portretten van vier bekende achttiende-eeuwse beroeps vinkers geschilderd. Wie dit heeft gedaan is niet duidelijk, maar ze zijn in ieder geval lang na de dood van deze vinkers geschilderd. Hoogst waarschijnlijk zijn de portretten gebaseerd op voorbeelden in het vinkenhuisje van de Manpad-baan in het Leyduin. Tussen de portretten bevinden zich een aantal versjes welke uit de pen van Cornelis van Lennep komen, deze versjes zijn afkomstig uit het vinkenhuisje in het Leyduin. Onder de portretten zijn de schuifjes van de kijkgaten te zien. Deze konden gesloten worden om te zorgen dat er geen geluid naar buiten kon doordringen.



Hierboven zie je o.a. het portret van Hendrik Witsenburg, een bekende beroepsvinker. Hij legde bijvoorbeeld in 1782 (in opdracht van Philip Kops) de baan in het Molenduin (Bloemendaal) aan. Voor zover ik kan achterhalen hadden de meeste beroepvinkers in de maanden dat er geen vinken gevangen konden worden nog een ander beroep. Hendrik Witsenburg was waarschijnlijk ook herbergier en dat meen ik op te mogen maken uit een oude koopacte met de volgende tekst.

"Op donderdag 6 oktober 1791 Bloemendaal, koopacte.
Den Insolventen Boedel van Hendrik Witsenburg en Jacomijntje Willemse .... ingevolge de acte van Commissie van dato ....Augustus 1791 ..... te hebben verkogt ... aan Jan Harmse Berbe Een Huis en Erve zijnd Een Herberg voorheen genaamt den Dorren Hout nu nazareth, waar in de Tapneering veele Jaaren is geexerceert"

Manus (Harmanus) Handgraaf wordt in zijn overlijdensakte (Velsen 28-12-1843) beschreven als arbeider. Ook wordt hij in het Registre Civique uit 1811 beschreven als Ouvrier (Landarbeider).
Meer heb ik niet over deze vinker kunnen vinden. De Registre Civique zijn de bevolkingslijsten uit de jaren 1796 en 1811.



Hierboven zie je het portret van Dirk van der Kodde, welke bij de Van Lenneps in dienst was als vinker. In de jaren 1770-1778 vinkte hij op de Manpad-baan in het Leyduin en later in 1805 vierde hij triomfen op de baan van Groot Bentveld. Op de Manpad-baan in het Leyduin werd Van der Kodde opgevolgd door zijn in 1758 geboren leerling Dirk van der Horst. Ook hij wordt in het Registre Civique uit 1811 beschreven als Ouvrier (Landarbeider).

Jacob Stok was in het wereldje van de achttiende-eeuwse Kennemer buitenplaatsbezitters ook welbekend. Jacob Stok heeft in 1790 een vinkenbaan met de naam 'baan van de bleekenberg' aangelegd in Bloemendaal. In een advertentie welke ik vond in de Haarlemsche Courant van 1810 wordt deze vinkenbaan te huur aangeboden. Alle toebehoren zoals netten, blinden vinken e.d. waren te bevragen bij Jacob Stok. Jacob Stok was woonachtig in Vijfhuizen onder Bloemendaal.


Er werden niet alleen vinken gevangen op de vinkenbanen, ook andere vogels zoals sijsjes, putters, spreeuwen, boomleeuweriken en de kuifleeuwerik waren de klos en allen waren ze geschikt voor consumptie in die tijd. Hieronder zien je één van de manieren om vogels te lokken, in dit geval d.m.v. een wipvogel of roervink. De vogel zat met een touwtje, of een soort tuigje aan het stokje vast. De vogel kon aan het fladderen worden gemaakt door even aan het touw aan de wipstok te trekken. Dit zou dan de aandacht trekken van de wilde vogels. Vinken en lijsters waren ongeschikt als wipvogel.

Het ging er niet altijd even zachtzinnig aan toe, want soms werden de touwtjes aan de staart bevestigd. Om te voorkomen dat de veren los zouden laten, werden de staartveren één voor één uitgetrokken en en werden de veren vervolgens weer diep in het achterlijf gedrukt. Zo kon het voor komen dat de wipvogel door deze ruwe behandeling een aantal keren per ochtend vervangen moest worden. Slecht weer kon ook fataal zijn voor de wipvogels, op 29 oktober 1809 regende het op de baan van Cornelis van Lennep in het Leyduin zo langdurig dat alle wipvogels stierven, waardoor er die dag bijna niets werd gevangen.


Druipbanen zoals hieronder te zien hadden behalve hun speciale, voor vinken aantrekkelijke beplanting twee andere grote voordelen boven vluchtbanen (open netten), dankzij de beschutting tegen de wind kon er een langer net worden gebruikt, het in greppels liggende druipnet was onttrokken aan het zicht van vogels. Bij harde wind en wanneer de vinken wild waren, leverde een open net meer op dan een druipnet.

Sommige 'zondagsvinkers' welke met kleinschalige middelen zoals lijmstokjes, knippen en dergelijke kooivogels vingen behielden een deel van de vangst voor eigen gebruiken verkochten de rest.
's Winters gebruikten vinkers vaak kleinenetten, zoals ééndeurige (sijzen)vlammetjes, waarbij ze een paar baanlopers en kooitjes met zingende blinde vinken plaatsten. In de wintermaanden werd ook veel gelijsterd. In principe kunnen er gedurende het hele jaar zangvogels worden gevangen, maar de herfst en winter lenen zich daar het best voor.


Op de vinkenbanen van het Huis te Manpad in het Leyduin en bij Zeerust zijn door de Van Lenneps in de periode 1768-1911 ruim een half miljoen vogels gevangen. Het familietotaal ligt nog hoger, want elders wonende Van Lenneps hebben gevinkt op andere banen, waaronder die van de buitenplaatsen Leyduin (Heemstede/Vogelenzang), Duinrell (Wassenaar) en Spanderswoud ('s-Graveland).
Toen de vogelwet 1912 in werking trad was het vinken al op zijn retour. De consumptie stelde aan de vooravond van het wettelijk verbod nog maar weinig voor en voor de Hollandse elite was het vinken als vermaak al niet meer zo interessant.

Een oud vinken recept:
'Steek 10 vinken aan een speetje (klein spitje), zout ze en braad ze met stukjes spek, of bak ze in eene koekepan met ruim boter. Zij moeten zeer croquant gebakken of gebraden worden op een fel vuur.' Aldus een recept van de Haagse kok François Blom uit zijn Moderne kookkunst, waarvan in 1910 de zevende druk verscheen.'

Het ooit zoveel beoefend tijdverdrijf en nevenberoep was toen nog maar een schaduw van wat het eeuwenlang was. De even spaarzame als onopvallende restanten van vinkenbaanvallen en baanbeplanting, enkele vinken huisjes en wat vangattributen die tot museumstukken zijn gepromoveerd. Het vinken zou in onze tijd ondenkbaar zijn, maar het is nou eenmaal een stukje Nederlandse geschiedenis of we het leuk vinden of niet.

Als laatste nog even wat getallen welke laten zien hoeveel vogels er toentertijd werden gevangen.

Vangsten op buitenplaatsbanen AWD, 1739-1911
Buitenplaats                 

Manpadbaan in Leyduin 
periode          aantal vangst jaren     totale vangst       gemiddelde per vangstjaar
1769-1858                 88                      345.832                        3930

Manpad-baan bij Zeerust
periode          aantal vangst jaren      totale vangst       gemiddelde per vangstjaar
1856-1911                 56                      177.259                         3165

Baan in Renbaanveld    
periode          aantal vangst jaren      totale vangst       gemiddelde per vangstjaar
1894-1911                 18                       50.249                           2792

Hoewel het niet meevalt om dit soort gegevens te achterhalen, blijft het toch leuk om uit te vissen wie de personen op de portretten zijn en wat ze in het verleden van de AWD en omgeving hebben gedaan. We weten nu een klein beetje meer over het vinken en de beroepsvinkers van weleer.

Iedereen bedankt voor de reacties op ons vorige blogbericht 'Tussen het verleden en het water'  

Groet,
Peter en Janny



AWD weetje: Tussen de Bokkenwei (Palmveld) en het Vogelenveld bevindt zich een ondergrondse grondwaterval van -1,5m naar dieper dan -60m onder het maaiveld.


maandag 5 september 2011

Tussen het verleden en het water

Zaterdag beginnen we de avondwandeling op het Panneland en we willen vandaag richting de grens Witteveld en infiltratie gebied 3. Het is rond de 27 graden, dat is best wel warm. Rond 15:15 lopen we het gebied binnen en hopen dat het snel wat koeler wordt.

De gelopen GPS route is hier te downloaden.

We nemen de route langs de bunkerberg.

Op de bunkerberg vind je nog steeds de oude bunkers 105 en 106. De Duitsers bouwde hier de bunkerdorpen en geschutsopstellingen.

Op de heuvel van de bunkerberg vind je overal stukken van de bunkers 

Op de bunkerberg tussen de bunkers treffen we deze kikker aan.

Vlier (Sambucus) is een geslacht van snelgroeiende heesters of kleine bomen. In de lente dragen ze tuilen van witte of crèmekleurige bloemen, gevolgd door kleine rode, blauwachtige of zwarte vruchten. Thee van de bladeren werkt bloedreinigend. Thee van de bloemen versterkt de afweer. Gekookte bessen versterken de stofwisseling en worden ingezet tegen ischias en reuma. Vlierbessensiroop is goed voor de keel bij een verkoudheid. Het helpt de koorts te onderdrukken bij griep.

Op de Duinpanweg treffen we een oude bekende aan. De moervos welke we ook vaak op de kippendellen tegenkomen. Ze heeft het warm en is een stuk schuwer dan we gewend zijn. Misschien maar goed ook. Deze vos wandelt blijkbaar heel wat af om te kunnen bedelen.

We passeren het Hondevlak waarvan niet bekend is waar de naam vandaan komt. Het heeft waarschijnlijk is te maken met de jacht. Hier steken we het Nieuwkanaal over. Het Nieuwkanaal is wat we noemen een win-kanaal, meer hierover later in het verslag. Nabij en ten westen van het Nieuwkanaal herkennen we vrij snel de plant- en bodemelementen van het Duindoornlandschap. Daarnaast vinden we veel sporen van menselijk handelen, zowel waterwinning als landbouw en beweiding. De infiltratie heeft daar nog vochtminnende planten en diersoorten aan toegevoegd.


Ook vinden we hier veel jonge eiken. De eikels zijn al flink gegroeid en bijna klaar om uit de boom te vallen in de herfst.


Bij de Bramen struik op kippendellen stoppen we even om een voorraad bramen te plukken. Janny gaat daar jam van maken en Borgani de papegaai is ook gek op verse bramen. Het gebied rond de Kippendellen is behoorlijk vochtig en dat is te zien aan het vele riet dat je hier naast het pad vind in de vele kwelplassen. Door de aanleg van de infiltratiewerken is de waterstand in dit gebied hier weer sterk gestegen.


Aan het einde van het pad ligt het Russenvlak. Hier stonden vroeger de barakken van de Russische militairen uit het Aziatische gedeelte van Rusland. Deze militairen waren hier door de Duitsers gedwongen tewerkgesteld en werden 'pindamannetjes' genoemd vanwege hun scheve oogstand.
Net buiten infiltratie gebied 3 en ten westen van de Marelberg ligt het pindabergje. Dit bergje werd opgeworpen door deze Russische 'Pindamannetjes', vandaar de naam.


We lopen verder westwaarts en zien een berkenzwam met een aparte kleur. 


Boven de bovenstaande zwam zien we een wat meer herkenbare berkenzwam.



Het Witteveld en het Ruigeveld hebben ook een functie in de waterwinning in de AWD. Buiten de productiecapaciteit hebben ze ook een voorraadfunctie, zodat er voldoende water voorradig is als er bijvoorbeeld geen Lekwater van buitenaf wordt aangevoerd.
Het komt nog wel eens voor dat de kwaliteit van het Lekwater tijdelijk niet voldoet en dan wordt de toevoer gesloten. Het is dan handig om voldoende voorraad in de AWD zelf voor handen te hebben. Omdat men met duinwater alleen nooit aan de vraag van 70 miljoen m3 water per jaar kan voldoen, wordt er door twee vele kilometers lange waterleidingen voorgezuiverd water uit de Lek bij Nieuwegein aangevoerd. Dit water loopt via de betonnen kanalen naar het infiltratiegebied.
Waarom betonnen kanalen? Omdat je niet wil dat het water onderweg in de grond terecht komt in een gebied waar je het water niet in de grond wilt hebben.

Verschillende kanalen en plassen hebben ook een voorraadfunctie zoals o.a. het Van der Vlietkanaal, het Sprenkelkanaal, het Nieuwkanaal, het Kromme en het Rechte Schusterkanaal en de Zwaneplas.
Andere Kanalen hebben weer een andere functie, het betreft bijvoorbeeld het hele Westerkanaal, een deel van het Noordoosterkanaal in het noorden, het Barnaartkanaal en het Zwarteveldkanaal. Deze kanalen hebben een belangrijke functie in het terugwinnen van het infiltratiewater, maar ze onttrekken ook natuurlijk duinwater aan de omgeving.



Langs het bovenstaande toevoerkanaal zien we deze kleine pad. In het Ruige en Witteveld zijn veel mensensporen aanwezig in de vorm van waterwinwerken en bunkers. De Spruit getuigt nog van een stuk kanaal dat in 1863 werd gegraven, maar in 1903 weer verlaten werd. In de Kardrift stond ooit een woonwagen, als rustverblijf voor jagers en drijvers.

Het IJzeren mannevlak dankt zijn naam aan de grote graafmachine die bij het maken van het Nieuwkanaal werd gebruikt en die door de plaatselijke bevolking een 'IJzeren man' werd genoemd.
Op een topografische kaart van 1850 waren Witteveld en Ruigeveld niet als teelland of weidegrond aangegeven.



We staan hier op een hoge heuvel en we kijken richting het gebied 'Dappere kees'. Genoemd naar de kastelein, die zo werd genoemd omdat hij altijd mensen van hun kiespijn afhielp. Maar nou komt het, dat deed hij met een nijptang! Dappere Kees had op deze plek waarschijnlijk zijn teellandje voor aardappels en rogge.

Hier ligt o.a. de zwanenplas (infiltratie en voorraadgeul). Het water in deze geulen wordt gezuiverd d.m.v. de zwaartekracht, het zakt in de bodem en sijpelt langzaam door de bodem naar de lager gelegen winkanalen welke om dit gebied heen liggen. In dit geval zijn dat het Rechte Schusterkanaal, Kromme Schusterkanaal en het Nieuwkanaal.




We kijken hier over de Bosjes van Leen Poes, genoemd naar de Drijver Leen Poes welke niets te maken heeft met de waterwinning in dit gebied. Ook in dit stuk liggen wingeulen en het zuiveren van het water werkt ook hier d.m.v de zwaartekracht. Wie wel eens op de dam over het Westerkanaal aan het einde van de Duizendmeterweg heeft gestaan, zal het opgevallen zijn hoe diep gelegen dat kanaal is. Als je dan weer richting de schuilhut kijkt waar de tamme vossen lopen, dan zie je dat het water in dat stuk vele meters hoger ligt.

Om het water d.m.v. de zwaartekracht naar het winkanaal te laten lopen is dat hoogteverschil noodzakelijk. Door het waterpeil in de winkanalen kunstmatig omhoog of omlaag te laten gaan, is de uitstroom snelheid van het gezuiverde water in de grond van het infiltratiegebied te regelen. Het water doet er minimaal 60 dagen over om door de grond te sijpelen naar de winkanalen.
Sneller wil je eigenlijk niet omdat het grondwater dan te snel daalt en dat is slecht voor de fauna in het infiltratiegebied en de waterkwaliteit in de winkanalen. Het is dus eigenlijk een constante balanceeract om de kwaliteit goed te houden.



Hieronder kijken we op verboden infiltratiegebied. Ook hier gebruikt men zwaartekracht voor de waterwinning, maar hier gebruikt men ook de zogenaamde drains. Simpel gezegd zijn dat betonnen pijpen in een grindbed welke op NAP 0, dus zo'n vijf tot zeven meter onder het maaiveld tussen de de infiltratiegeulen zijn aangebracht. Het in de grond gezakte water loopt naar de drains tussen de infiltratiegeulen en vervolgens naar de winkanalen. De doorlaat van het gezuiverde water is te regelen via een pomp of een schuif aan het einde van de drain.

Deze drains liggen hier al ruim 50 jaar en uit onderzoek blijkt dat ongeveer 40% van de drains niet meer functioneren vanwege de hoge slibafzetting in de drains. In 2008/2009 is er een pilot drain aangewezen om hier te proberen de slibafzetting in de drain te verwijderen. Om een lang verhaal kort te maken, is dat aardig gelukt en is de doorstroom in deze pilot drain flink omhoog gegaan. 



Hieronder een beetje 'kort door de bocht' schema om allemaal het iets duidelijker te maken. Uiteindelijk komen het geïnfiltreerde Lek water en het echte AWD duinwater uit het Noordoosterkanaal, het Barnaartkanaal en het Zwarteveldkanaal bij de Oranjekom samen, en wordt daar gemengd om er drinkwater van te maken. Het duinwater heeft een constantere kwaliteit en help het uiteindelijke drinkwater stabieler van kwaliteit te maken.

Er is ook nog een derde manier van waterwinning en dat is die van het grondwater d.m.v. diepe winputten welke water aan het diepduin onttrekken. Deze putten liggen net onder het wateroppervlak van b.v. het Rechte Schusterkanaal en worden soms zichtbaar bij een lage waterstand. (bron onderstaande plaatje: Fysische Geografie Universiteit van Amsterdam)


Genoeg over water en we hebben er honger van gekregen :-) Hier blijven we even een halfuurtje plakken om de soep en broodjes te eten en krijgen we af en toe een bonus in de vorm van wat damherten welke wat komen drinken.


Het begint al donker te worden en de damherten komen wat drinken uit het Nieuwkanaal.


De temperatuur is nu een heel stuk aangenamer, de wolken krijgen een prachtige kleur in het avondlicht.


Als de zon verder ondergaat, krijgen we nog een prachtig schouwspel te zien.


We zijn nu bijna bij de uitgang en draaien nog een keertje om, om een laatste foto te maken van een prachtig natuurgebied dat niet alleen mooi is, maar ook nog een functie heeft.


En zo gaan we weer naar huis na een prachtige wandeling door de AWD en hopen dat we d.m.v. dit blog de wandelende mens een beter inzicht hebben kunnen geven in het reilen en zeilen van de natuur, de watertechniek en de geschiedenis in de AWD.
Iedereen nog bedankt voor de reacties op ons vorige verslag "Historische rondleiding met hysterisch weer'.

Groet,
Peter en Janny